Er bestaat een boekje over het schrijven van feestliederen. Hoewel ik zo’n boekje niet nodig denk te hebben, vind ik het toch leuk dat het er is. De flaptekst geeft aan dat er op het gebied van dit soort zelfgeschreven liederen veel kaf onder het koren is.
Dat is mij ook al vaak opgevallen. Je bent te gast op een bruiloft en de voetbalclub zingt een lied. Ze kijken allemaal naar elkaar, beginnen we al? Nu? Even wachten! Te laat! Het eerste couplet wordt een rommeltje. Met een beetje mazzel is er een pakkend refrein en kan iedereen weer aanhaken. Maar dan komen er nóg vijf coupletten…
Daarom heb ik mij gespecialiseerd in het schrijven van pakkende, passende en ethisch verantwoorde teksten op bestaande melodieën. Tegenwoordig maak ik ze ook op melodieën die minder voor de hand liggen, maar die wel naadloos aansluiten op degene voor wie het nummer geschreven is. Nummers uit de Sound of Music bijvoorbeeld of op Hey Jude van de Beatles. Het is niet gauw te moeilijk. Vereiste is wel dat ik genoeg leuke, relevante en aardige achtergrondinformatie heb over het feestvarken.
Het is zeer goed mogelijk om het lied uit te voeren zonder dat ik daarbij aanwezig ben. Het loopt altijd goed en de tekst past perfect in de melodie. Maar vaak is het makkelijk als ik wél in de buurt ben ter ondersteuning. Al is het alleen maar om te zorgen dat men tegelijk begint. Bovendien wil je toch graag dat je geesteskind goed aan het publiek wordt voorgedragen. Ik heb net een lied gemaakt op de melodie ‘Ome Jan’ van Willeke Alberti. Leuk om te doen. Misschien moet ik hier toch gewoon mijn dagelijks werk van maken. Er wordt tegenwoordig genoeg gevierd. Maar al die feesten en partijen dan ook daadwerkelijk bezoeken….? Tja, elk werk heeft natuurlijk minder leuke kanten…!
woensdag 8 augustus 2012
donderdag 2 augustus 2012
Hete boodschappen. Muziek uit 1967.
Er zijn dagen dat de zon hoog aan de hemel staat en dat heeft direct invloed op ons zwarte autootje. De binnentemperatuur loopt dan op naar misselijkmakende hoogten, want onze vierwieler is nog een exemplaar met alleen ARKO. Voor de wekelijkse boodschappen heb ik ons karretje echter wel nodig. Over het algemeen bezoek ik de Markt en twee Supermarkten. Dat betekent dus verschillende keren, al dan niet worstelend met kratten of tassen, die hete auto in en uit. Ik zeg dan dapper tegen mezelf dat het best fijn is, die zon, maar mijn gekoelde producten kreunen vanaf de achterbank dat ze aan acuut bederf onderhevig zijn en dat ze zo uit hun verpakking zullen barsten! Vaak ben ik dan nog maar aan het begin van mijn route en roep ik naar achteren dat ze zich niet aan moeten stellen, ik heb het óók warm!
Als het een beetje tegen zit zijn ze op de band bij de kassa ook al behoorlijk gekwetst door de caissière. Zo’n dame die alles zo snel langs de scanner haalt, dat ik het niet bij kan sloffen met inpakken. Natuurlijk zet ik eerst de zware spullen op de band en de chips als laatste, maar op een of andere manier wisselen ze onderling toch stiekem van plek en heb ik uiteindelijk een pak yoghurt en twee dozen kwark die nog bovenop de Dorito’s moeten. Ondertussen drukt de band lekker door en wordt mijn koopwaar samengeperst ónder mijn tas. De caissière roept onverstoorbaar: 'Koopzegels!?' De zoute stengels worden vermorzeld door het kattenvoer. Ik sta in tweestrijd, rustig inpakken of afrekenen? Ik kies voor het laatste omdat ik de boel niet op wil houden. Terwijl ik de tas naar de auto zeul hoor ik de Dorito’s kraken en weer in de hete auto zegt de yoghurt zuur: ‘t Is veel te heet om bovenop te liggen!’
ARKO: Alle Ramen Kunnen Open
Summertime - The Zombies
(gecomponeerd door George Gershwin voor de opera Porgy and Bess uit 1935)
Als het een beetje tegen zit zijn ze op de band bij de kassa ook al behoorlijk gekwetst door de caissière. Zo’n dame die alles zo snel langs de scanner haalt, dat ik het niet bij kan sloffen met inpakken. Natuurlijk zet ik eerst de zware spullen op de band en de chips als laatste, maar op een of andere manier wisselen ze onderling toch stiekem van plek en heb ik uiteindelijk een pak yoghurt en twee dozen kwark die nog bovenop de Dorito’s moeten. Ondertussen drukt de band lekker door en wordt mijn koopwaar samengeperst ónder mijn tas. De caissière roept onverstoorbaar: 'Koopzegels!?' De zoute stengels worden vermorzeld door het kattenvoer. Ik sta in tweestrijd, rustig inpakken of afrekenen? Ik kies voor het laatste omdat ik de boel niet op wil houden. Terwijl ik de tas naar de auto zeul hoor ik de Dorito’s kraken en weer in de hete auto zegt de yoghurt zuur: ‘t Is veel te heet om bovenop te liggen!’
ARKO: Alle Ramen Kunnen Open
Summertime - The Zombies
(gecomponeerd door George Gershwin voor de opera Porgy and Bess uit 1935)
woensdag 25 juli 2012
Winterspoken in een hittegolf. Muziek uit 2012.
Midden in de zomer ineens denken aan kerstklokken en sneeuw. Het overkomt me de laatste tijd regelmatig. Hoewel het momenteel op ons terras 35 graden is gaan mijn gedachten ineens via Jingle Bells, maskers, kaarsen en rode mantels naar Winter Wonderland 2011. We zingen dan mee in het koor ter ondersteuning van de uitvoering van Het Spook van de Opera. We hebben er veel plezier in en het is een prachtige voorstelling geworden. Regelmatige volgers van mijn stukjes weten waar ik het over heb en hebben wellicht zelf meegezongen. In de voorstelling zit het lied Het spook van de opera. Het begint met:
Hij heeft mij vaak bezocht. ’s Nachts in mijn droom
En zong dan zacht mijn naam. Mijn trouw fantoom.
Welnu, ik hoor de laatste tijd regelmatig een nummer op mijn favoriete zender, Radio2, wat in het begin veel lijkt op genoemd nummer. Het is een nummer van Train en het heet 50 Ways To Say Goodbye.
Zo gaat dat met gedachten en muziek; ze nemen je zomaar ergens mee naar toe. In feite is mijn hoofd een megacomputer met een perfecte draadloze verbinding met allerlei bronnen. Mijn hersentjes zijn de hele dag aan het surfen. Het grote voordeel van mijn eigen interne computer is dat de verbinding niet snel wegvalt en dat de boel niet vastloopt. Toch moet ik ook bij deze computer de nodige zorgvuldigheid in acht nemen. Niet overbelasten, tijdig de harde schijf defragmenteren (vakantie kan daar zeker bij helpen!) en zorgen voor voldoende voeding. Dat laatste kan in verschillende vormen genuttigd worden. Eetbaar voedsel, om de celletjes op peil te houden en geestelijk voedsel in de vorm van een goed gesprek of een mooi boek. Maar ondanks alle voorzorgsmaatregelen vertoeven mijn gedachten dan toch soms ineens in het verkeerde seizoen.
Train - 50 Ways To Say Goodbye (California 37)
Hij heeft mij vaak bezocht. ’s Nachts in mijn droom
En zong dan zacht mijn naam. Mijn trouw fantoom.
Welnu, ik hoor de laatste tijd regelmatig een nummer op mijn favoriete zender, Radio2, wat in het begin veel lijkt op genoemd nummer. Het is een nummer van Train en het heet 50 Ways To Say Goodbye.
Zo gaat dat met gedachten en muziek; ze nemen je zomaar ergens mee naar toe. In feite is mijn hoofd een megacomputer met een perfecte draadloze verbinding met allerlei bronnen. Mijn hersentjes zijn de hele dag aan het surfen. Het grote voordeel van mijn eigen interne computer is dat de verbinding niet snel wegvalt en dat de boel niet vastloopt. Toch moet ik ook bij deze computer de nodige zorgvuldigheid in acht nemen. Niet overbelasten, tijdig de harde schijf defragmenteren (vakantie kan daar zeker bij helpen!) en zorgen voor voldoende voeding. Dat laatste kan in verschillende vormen genuttigd worden. Eetbaar voedsel, om de celletjes op peil te houden en geestelijk voedsel in de vorm van een goed gesprek of een mooi boek. Maar ondanks alle voorzorgsmaatregelen vertoeven mijn gedachten dan toch soms ineens in het verkeerde seizoen.
Train - 50 Ways To Say Goodbye (California 37)
Abonneren op:
Posts (Atom)