Is ‘verslaafd zijn aan muziek’ hetzelfde als ‘een slaaf zijn van muziek?’ In beide gevallen houdt die muziek je in haar greep, maar de eerste vertaling vind ik zelf wat positiever.
In het nummer Slave to the Music laat James Morrison horen hoe hij het ervaart. ‘She’s got me rocking, she’s got me moving, she’s got me dancing’ zingt hij in het refrein. Ik zou daar aan toe willen voegen: ‘She’s got me writing’ want over heel veel nummers valt voor mij wel iets te schrijven. Maar dat heb je al ervaren, anders las je dit waarschijnlijk niet.
James zingt met hese stem over zijn verslaving en het komt mij voor dat de vergelijking tussen muziek en een lieve, aantrekkelijke vrouw niet zover weg ligt. Daarom spreekt het nummer mij waarschijnlijk ook zo aan. Zo iemand kan het beste in je losmaken en de verslaving ligt om de hoek.
James is dus eigenlijk verslaafd aan de liefde. Of gaat die vergelijking te ver? Voor mij niet. Een nieuwe song, die goed gemaakt is en mooi gezongen wordt, maakt bij mij soms gevoelens los die aan verliefdheid grenzen. Wanneer komt het nummer weer langs op mijn favoriete zender? Hoor ik er dan nog weer nieuwe dingen in? Vind ik het nummer nog steeds mooi als ik het vaker hoor?
Soms gaat het over. Het wordt bijvoorbeeld téveel gedraaid en de melodie is niet ‘spannend’ genoeg om over te gaan in ‘houden van’. Maar er zijn ook een paar nummers waar ik al veertig jaar warme gevoelens voor koester. Dit nummer zou best eens in dat rijtje thuis kunnen gaan horen. In ieder geval zal zij mij waarschijnlijk altijd herinneren aan de tijd dat ze mij tot schrijven heeft aangezet. ‘Slave to the music, no I won’t stop until my heart pops…, she’s got me writing….’
She pulled me in so easily
right from the start
she played me like I was a melody
one bang on the drum and she funks me with a sweet kiss
she's touching me with lovers caress
no I can't fight it
She's got my soul she's captured me
holds me hostage when I hear that beat
I won't take these shackles off my feet
'cause they're the only thing that make me feel free, that's why
I'm a slave to the music
No I won't stop until my heart pops
I'm a slave to the music
No I won't give in until I stop breathing
She's got me rocking
She's got me moving
She's got me dancing
I don't wanna be saved
Slave to the music
I don't wanna be saved
Slave to the music, yeah.. yeah
She fought the pop and I'm barely alive
But keep on givin' it's the only way to survive
But I can't help but shuffle my feet
moving like a zombie, chasing' the beat
She lures me in oh sweet surrender
locks me down like a repeat offender
I won't take these shackles off my feet
'cause they're the only thing that make me feel free, that's
woensdag 30 november 2011
woensdag 23 november 2011
Het verhalenboek
De regelmatige bezoeker van deze pagina heeft al wel begrepen dat ik een passie heb voor popmuziek, gecombineerd met een passie voor het geschreven woord. Het zal jullie dan ook niet verbazen dat ik graag het Top 2000 Verhalenboek zou willen bemachtigen. Dat kan, door mee te doen aan het Top 2000 Introspel. Ik heb meegedaan! Ik heb in 30 seconden drie intro’s goed geraden!
Als ik het nummer bel, op een dinsdagavond even na negenen, zegt een vriendelijke mevrouw dat ik waarschijnlijk wel als kandidaat geselecteerd zal worden. Verliezen kan niet, want alleen het meedoen wordt al beloond met eerder genoemd boek. Mijn adresgegevens worden genoteerd. Ze gaan mij bellen, zegt de mevrouw. Mijn alter eega en ik gaan verder met onze bezigheden aan de keukentafel. Nagels lakken, kruiswoordpuzzelen, lezen en radio luisteren. Als het Introspel langskomt blijkt dat er iemand anders is geselecteerd. Vreemd. Maar niet getreurd, misschien in het volgende uur. Als ook dit uur bijna ten einde loopt en ik nog steeds niet gebeld ben, word ik ongerust. Dan roept de presentator: ‘Als je mee wilt doen met het Introspel, dan moet je nú bellen.’ Ik toets meteen het nummer in en ik krijg dezelfde aardige mevrouw aan de lijn, die roept: ‘Oh, gelukkig! Goed dat je belt! Ik heb waarschijnlijk je telefoonnummer verkeerd genoteerd. Ik kreeg iemand aan de lijn die absoluut geen idee had waar het over ging. Maar blijf aan de telefoon, dan kom je zó in de uitzending. Succes!’
De rest is geschiedenis. Een paar collega’s hebben mijn ‘two minutes of fame’ live op de radio gehoord. Leuk! Het levert een 10 cd box op met het beste uit de Top 2000 én het verhalenboek!
Als ik het nummer bel, op een dinsdagavond even na negenen, zegt een vriendelijke mevrouw dat ik waarschijnlijk wel als kandidaat geselecteerd zal worden. Verliezen kan niet, want alleen het meedoen wordt al beloond met eerder genoemd boek. Mijn adresgegevens worden genoteerd. Ze gaan mij bellen, zegt de mevrouw. Mijn alter eega en ik gaan verder met onze bezigheden aan de keukentafel. Nagels lakken, kruiswoordpuzzelen, lezen en radio luisteren. Als het Introspel langskomt blijkt dat er iemand anders is geselecteerd. Vreemd. Maar niet getreurd, misschien in het volgende uur. Als ook dit uur bijna ten einde loopt en ik nog steeds niet gebeld ben, word ik ongerust. Dan roept de presentator: ‘Als je mee wilt doen met het Introspel, dan moet je nú bellen.’ Ik toets meteen het nummer in en ik krijg dezelfde aardige mevrouw aan de lijn, die roept: ‘Oh, gelukkig! Goed dat je belt! Ik heb waarschijnlijk je telefoonnummer verkeerd genoteerd. Ik kreeg iemand aan de lijn die absoluut geen idee had waar het over ging. Maar blijf aan de telefoon, dan kom je zó in de uitzending. Succes!’
De rest is geschiedenis. Een paar collega’s hebben mijn ‘two minutes of fame’ live op de radio gehoord. Leuk! Het levert een 10 cd box op met het beste uit de Top 2000 én het verhalenboek!
Fietsenkelderkampioen. Muziek uit 1977.
Ooit was ik een kampioen! In een fietsenkelder in 1977. In die tijd zit ik in de tweede klas van de Mavo. Ik voel me heel wat, want ik zit al voor het tweede achtereenvolgende jaar in de tweede klas. Ik zing in die fietsenkelder dat wij de kampioenen zijn. We are the champions my friend! Oueen maakt in die tijd aan de lopende band hits en dit is er ook weer één!
Eigenlijk is de fietsenkelder verboden terrein voor ons scholieren, in ieder geval in de pauzes. Maar als het regent dan wil je toch wel graag droog zitten, niet dan? Achter in die kelder, om het hoekje, staan zelfs nog wat attributen waar je op kunt zitten. Bovendien is de akoestiek geweldig.
Genoemd Queen nummer is op dat moment bij velen geliefd en ik ken al vrij snel de tekst uit mijn hoofd. Muziekblad Popfoto heeft daar een mooi steentje aan bijgedragen. Het begin van het nummer is zacht en gedragen. Ergens in het midden wordt gezongen You brought me fame and fortune and everything that goes with it, I thank you all! Eigenlijk wordt die zin meer gesproken dan gezongen en ik declameer hem met een perfect gevoel voor drama. Mijn linkerarm is gespreid en mijn rechter gebogen alsof ik een microfoon vasthoud. Ik bén Freddy! De benen wijd en het hoofd een beetje schuin. En daarna uithalen: We are the champions my friend. And we’ll keep on fighting ‘till the end… Het refrein wordt door mijn publiek meegezongen. Het galmt prachtig door de kelder.
Hier komt abrupt een einde aan als de conciërge de hoek om komt. Hij dirigeert ons met harde hand naar buiten, onderwijl sancties naar ons roepend die er niet om liegen. Strafwerk, nablijven, directeur, plein vegen… Wij zijn de kampioenen, maar we voelen al snel nattigheid…
Eigenlijk is de fietsenkelder verboden terrein voor ons scholieren, in ieder geval in de pauzes. Maar als het regent dan wil je toch wel graag droog zitten, niet dan? Achter in die kelder, om het hoekje, staan zelfs nog wat attributen waar je op kunt zitten. Bovendien is de akoestiek geweldig.
Genoemd Queen nummer is op dat moment bij velen geliefd en ik ken al vrij snel de tekst uit mijn hoofd. Muziekblad Popfoto heeft daar een mooi steentje aan bijgedragen. Het begin van het nummer is zacht en gedragen. Ergens in het midden wordt gezongen You brought me fame and fortune and everything that goes with it, I thank you all! Eigenlijk wordt die zin meer gesproken dan gezongen en ik declameer hem met een perfect gevoel voor drama. Mijn linkerarm is gespreid en mijn rechter gebogen alsof ik een microfoon vasthoud. Ik bén Freddy! De benen wijd en het hoofd een beetje schuin. En daarna uithalen: We are the champions my friend. And we’ll keep on fighting ‘till the end… Het refrein wordt door mijn publiek meegezongen. Het galmt prachtig door de kelder.
Hier komt abrupt een einde aan als de conciërge de hoek om komt. Hij dirigeert ons met harde hand naar buiten, onderwijl sancties naar ons roepend die er niet om liegen. Strafwerk, nablijven, directeur, plein vegen… Wij zijn de kampioenen, maar we voelen al snel nattigheid…
Abonneren op:
Posts (Atom)